Acenocoumarol en fenprocoumon: Vitamine K antagonisten

Bij het gebruik van acenocoumarol en fenprocoumon is periodiek controle noodzakelijk van de INR.
Deze controle en de begeleiding van de antistollingsbehandeling gebeurt in Nederland door de trombosediensten.

Vitamine K antagonisten (ook wel coumarines genoemd) danken hun naam aan het feit dat ze hun werking uitoefenen via het onderbreken van de Vitamine K – recycling in de lever. Door het onderbreken van die cyclus worden (indirect) o.a. de (vitamine K afhankelijke) stollingsfactoren II, VII, IX en X geremd.

In Nederland is acenocoumarol het meest voorgeschreven middel, daarnaast wordt ook behandeld met fenprocoumon.
De keuze tussen acenocoumarol en fenprocoumon wordt bepaald door de voorschrijvend medisch specialist ( of huisarts) en is mede afhankelijk van de gebruiken in de regio/het ziekenhuis en de ervaring en opleiding van de voorschrijver. Acenocoumarol en fenprocoumon hebben beiden voor- en nadelen: Door de lange halfwaardetijd zijn patiënten die fenprocoumon gebruiken vaak iets stabieler ingesteld.
Acenocoumarol patiënten schommelen iets meer qua antistolling vanwege de relatief korte halfwaardetijd. Echter het is gemakkelijker de INR te corrigeren of te verlagen bij een ingreep of onderzoek.

Warfarine is, hoewel het internationaal de meest gangbare VKA is, in Nederland niet geregistreerd als antistollingsmiddel en wordt derhalve in Nederland niet of nauwelijks voorgeschreven.